86 (5) pp 275

Titel: 
Substraatgebruik bij paarden tijdens inspanning - een vergelijking tussen de ‘gevaste’ en postprandiale status
Auteur(s): 
J. ROBYN, L. PLANCKE, B. BOSHUIZEN, C. DE MEEÛS, M. DE BRUIJN, C. DELESALLE
Samenvatting: 

Sporten in uitgevaste toestand heeft positieve effecten op het prestatievermogen van humane atleten. Bijpaarden gaat trainen in gevaste toestand gepaard met een toegenomen mobilisatie van vrije vetzuren als energiebron.Er wordt verondersteld dat de hogere beschikbaarheid van vet als energiebron leidt tot een mindersnelle depletie van spierglycogeen en een trager optreden van spierverzuring. Dit draagt in belangrijke matebij tot het minder snel optreden van spiervermoeidheid. Omgekeerd zorgt de opname van een graanmaaltijdvoor een uitgesproken plasma-insulinepiek en de onderdrukking van lipolyse. Gezien ruwvoer, de hoofdcomponentvan het dieet van het paard, een lange passagetijd heeft doorheen de dikke darm, wordt een vollediguitgevaste status bij het paard normaal niet bereikt; dit in tegenstelling tot wat het geval is bij de mens. Hetvoeren van ruwvoer induceert echter geen uitgesproken plasma-insulinepiek en inhibeert daardoor geen lipolyse.Bovendien zorgt de darmflora in de dikke darm, waar het ruwvoer gefermenteerd wordt, voor een buffervan water en elektrolyten, alsook voor een continue bron van propionzuur. Dit propionzuur wordt verwerkt inde lever, waar het een precursor is voor de gluconeogenese. In tegenstelling tot wat bekend is bij menselijkeatleten is er bij paarden nog heel wat te ontdekken wat betreft optimale diëtaire interventies voorafgaand aancompetitie enerzijds en training anderzijds. Welke aanpak er ook gekozen wordt, ruwvoer van hoge kwaliteithoort het sleutelingrediënt te zijn van elk paardendieet. De meeste paarden presteren even goed tot zelfsbeter als ze op een dieet staan met een lager suikergehalte (dus minder of geen krachtvoer), op voorwaardedat hoog kwalitatief ruwvoer wordt aangeboden (gras, voordroog of hooi) in combinatie met een vitaminen/mineralensupplement. Andere alternatieven om niet-structurele koolhydraten te verlagen in het dieet van eenpaard met een hoge energiebehoefte is het gebruik van bijvoorbeeld vezelrijke krachtvoeders of gepilleteerderuwvoerderbronnen, zoals luzernekorrels. Tot slot heeft het frequent voederen van meerdere kleine maaltijdenper dag de voorkeur boven het voederen van twee “grote” maaltijden per dag.

Volledige tekst: 
pp 275-285
Overzichtsartikel(en)